Nieuw kabinet, kans voor HR-leiderschap!


Het voornemen van het kabinet om het aantal ambtenaren drastisch te verminderen komt daadkrachtig over, roept grote weerstanden op en veroorzaakt de nodige onrust onder het overheidspersoneel. Tegelijkertijd laten een aantal tegenstanders niet na om de historie aan te halen waarin dergelijke voornemens eerder werden uitgesproken maar (deels) strandden in de taaie praktijk van de overheidsorganisaties.

Wat is er nu anders? Ten eerste de politieke signatuur van dit kabinet die gepaard gaat met de overtuiging dat de rol van de overheid beperkt moet zijn en de vrije markt veel zaken voor haar rekening kan nemen. Ten tweede de overtuiging dat je huishoudboekje op orde moet zijn. Je kunt niet meer uitgeven dan je ontvangt. Tezamen zouden die wel eens tot een vasthoudender kabinet kunnen leiden voor wat betreft het op orde krijgen van het huishoudboekje van de overheid. Dus ook het verminderen van het aantal ambtenaren.

Hoe erg is dit eigenlijk? De overheid wordt de komende jaren geconfronteerd met de grootste uitstroom uit haar bestaan. Er zijn ministeries waar circa 25% van de bemensing als gevolg van pensionering zal uitstromen. Hier ligt dus eigenlijk een hele mooie kans voor dit kabinet. Een natuurlijke uitstroom waar zij dankbaar gebruik van kunnen maken. Geen gedwongen ontslagen maar meebewegen op de stroom van natuurlijk verloop. Gaat wellicht in een net iets ander tempo dan zij wensen, voordeel is dat de kosten minimaal zijn, weerstanden achterwege blijven en de onrust wegblijft.

Tegelijkertijd creëert een dergelijke uitstroom een stevige uitdaging. Ten eerste is daar de uitstroom van kennis en ervaring. Gezien de omvang van de uitstroom is het reëel aan te nemen dat schaarse kennis en ervaring gewoon verdwijnt uit de organisatie. In de tweede plaats raakt dit de capaciteit van de hele overheid: welke taken voeren we wel of niet (meer) uit? Deze taken niet herorganiseren leidt tot overbelasting van de aanwezige ambtenaren en tast daarmee de vitaliteit van de organisatie enorm aan. In de derde plaats is een gezonde aanwas van mensen buiten de organisatie van belang om de diversiteit op peil te houden (diversiteit heeft bij mij vooral betrekking op ‘anders denken’) en daarmee de effectiviteit van de bemensing.

Deze vraagstukken bieden HR een uitgelezen kans om het voortouw te nemen. Hoe zorgen we ervoor dat de kennis en ervaring niet spoorloos verdwijnt maar onderdeel blijft van de kennis en ervaring van de  organisatie? Hoe komen we tot daadwerkelijke keuzes van wat we wel of niet doen qua taken en maken we de personele gevolgen zichtbaar? Hoe herverdelen we de taken over de beschikbare mensen en wat voor opleiding en/of ervaring moeten die opdoen om dat effectief te realiseren? Hoe zorgen we voor voldoende doorstroom om de diversiteit van de organisatie op peil te houden? Vergrijzing en ontgroening zetten door en dat verlangt andere oplossingen op dit vlak.

Wat kan HR hierin betekenen? Organiseer een proces waarin doelen en oplossingsrichtingen voor deze vraagstukken worden bedacht, neem verantwoordelijkheid voor het realiseren van die doelstellingen, voer regie over het invoeren van oplossingen, monitor de daadwerkelijke resultaten. Het zijn HR-uitdagingen pur sang. Een uitgelezen kans voor HR om leiderschap te tonen. Wil de échte HR-leider nu opstaan!